Berends Schrijftopic

Bar is open!
Gebruikersavatar
Secret1994goesFilm
Oscar winnaar
Oscar winnaar
Berichten: 1551
Lid geworden op: 01 nov 2011 19:30
Locatie: Vlaanders
Contacteer:

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door Secret1994goesFilm » 07 jul 2013 12:53

JamesBond schreef:Hier is even een overzicht van verhalen waar ik op het moment mee bezig ben;

Finger On The Trigger: Actie-thriller die deels is gebaseerd op Bourne en 'Edge Of Darkness'. Ex-CIA agent woont gelukkig getrouwd met zijn vrouw. Wanneer zij vermoord wordt voor zijn ogen wordt hij beschuldigd van de moord. Hij raakt in coma en krijgt geheugenverlies. Hij herinnert zich niks van voor de moord. Wanneer hij ontwaakt uit zijn coma vlucht hij. Hij wordt opgejaagd door de CIA en hij komt erachter dat hij lid was van de TakeOut-operatie. Hij gaat opzoek naar de daders en zijn vrouw blijkt lid van een groep tegen het bedrijf NorthRose, dat bedrijf stal geld van de overheid en daarmee kochten ze staatsgeheimen en daarom werd ze vermoord.
Toffe ideeën :)
Maar die laatste vind ik wel één van de beste, misschien kan je het zo doen dat hij ontwaakt uit z'n coma en niks meer weet van de moord op z'n vrouw en het in het midden van het verhaal maar te weten komt. Dat hij zelf op een moment denkt dat hij werkelijk z'n eigen vrouw heeft vermoord :)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 07 jul 2013 13:39

Weet je, dat is een briljant idee! :T

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 09 jul 2013 16:52

Soms gebeurt het, inspiratie krijgen uit dromen :) Ik zie hier weer een goed nieuw verhaal uit ontstaan!

Gebruikersavatar
Secret1994goesFilm
Oscar winnaar
Oscar winnaar
Berichten: 1551
Lid geworden op: 01 nov 2011 19:30
Locatie: Vlaanders
Contacteer:

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door Secret1994goesFilm » 09 jul 2013 22:01

Uit m'n dromen nu niet :p zijn gewoon te veel dingen die hellemaal niet bij elkaar passen :D
Ik haal m'n inspiratie gewoon op een willekeurig moment op een willekeurige plaats :p
Bevoorbeeld in de palettenfabriek waar ik werk heb ik eens even een hele vechtscene weten uit te vinden, schrijven moet nog gebeuren :P

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 10 jul 2013 06:57

Ik normaal ook niet, maar nu heb ik toch wel een nieuw goed idee :) Ik haal inspiratie uit bijna alles ;)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 26 jul 2013 13:18

Sorry, dat ik even niet geschreven heb. Ik ben erg druk geweest met andere dingen, maar zodra ik tijd heb zal ik weer eens wat schrijven :)

Feedback is altijd welkom! :)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 24 aug 2013 20:51

Ik heb weer een voltooid hoofdstuk :) Ik had er al eerder delen van geplaatst, maar nu plaats ik hem helemaal :) Het is mijn langste hoofdstuk tot nu toe. Welgeteld 12 pagina's!

3. De Aangewezene

Het was een zonnige lentemorgen en de zon steeg net boven de bomen uit. Er klonk een kalmerend en harmonisch getjilp van vogels die zoals elke ochtend hun liedje zongen. De straat was rustig, er liep geen mens over straat. Alle huizen leken op elkaar. Dezelfde saaie rijtjeshuizen stonden naast elkaar opgesteld, op één huis na. Aan het einde van de straat stond een groot en kleurrijk huis, wat totaal niet bij de buurt paste. Achter de ramen van dit huis woonde een man. Hij was een vriendelijke man, die aardig was voor zijn buurtbewoners. Hij hielp iedereen met zijn of haar problemen, en zijn afwezigheid was altijd gelijk te merken, aangezien hij dan niet, zoals elke ochtend, in zijn ochtendjas vrolijk en neuriënd zijn bloemen water stond te geven, en elke buurtbewoner die de krant van de stoep kwam raken, gedag zei. De afgelopen weken was dit het geval geweest, de bewoner van het statige huis was zonder duidelijke reden afwezig geweest.

Achter de ramen van de bovenste verdieping was een grote kamer. Het was er erg rommelig. Overal lagen boeken en papieren, en er lagen ook diverse foto’s over de grond verspreid. In het midden van de kamer stond een groot bed. Een geluid, dat klonk als snurken, steeg op uit de lakens. Toen klonk er een hard geluid, dat afkomstig was uit de wekker, die zich bevond naast het bed. Een hand kwam onder de lakens vandaan, die de wekker naar de andere kant van de kamer sloeg. De hand trok zich terug, en het lichaam waar de hand deel van uitmaakte, draaide zich weer om. Vanuit de gang klonk een ringend geluid. De deur stond op een kier, maar de telefoon die afging was duidelijk te horen. Van onder de lakens klonk gegrom, en vervolgens kwam er beweging in het lichaam. Het sloeg de dekens van zich af, en het lichaam schoof zichzelf op een charmante manier naar de rand van het bed. Toen klonk er een luide plof. Het lichaam had zichzelf iets te ver doorgeschoven, en vanwaar het lichaam zich nu bevond klonk een luide: “Auw!”.

De kreet werd gevolgd door een hoofd. Het haar sprong alle kanten op, en het gezicht was bedekt met baardharen. De persoon had zich kennelijk lange tijd niet geschoren. Het lichaam werkte zich omhoog, en schuifelde zichzelf naar de deur. Hij opende de deur, en liep slaperig naar de telefoon. Hij drukte op de speaker, en er kwam een slaperig “Hallo?” uit zijn mond. Aan de andere kant van de lijn klonk een al wat opgewektere stem.
“Tony? Waarom duurde het zolang?” klonk aan de andere kant van de lijn.
De nog slaapdronken Tony wreef even goed in zijn ogen, voordat hij antwoordde op de stem aan de andere kan van de lijn.
“Chris, je kent me. Laat me even goed wakker worden, en bel me niet om half zeven in de ochtend.”
Tony glimlachte en er klonk gegrinnik aan de andere kant van de lijn.
“Zorg dan maar dat je goed wakker bent, ik kom je halen rond drie uur vanmiddag.”
Er klonk een klik en vervolgens het gepiep van de telefoon. Tony rekte zich uit, en liep toen naar de badkamer. Zijn badkamer was netjes, heel anders dan zijn slaapkamer. Nergens geen rondslingerende boeken of papieren. De badkamer had iets Italiaans. Uit de radio die er stond klonk Italiaanse muziek, en de muren waren bedekt met Italiaanse tegels.

Tony liep naar het bad, en draaide de kraan open. Hij had er altijd een hekel aan gehad dat het bad er zolang over deed om vol te lopen, en toen het bad naar zijn idee goed gevuld was, ontdeed hij zich van zijn pyjama en stapte hij het warme bad in. Door de hitte steeg er stoom op uit het bad en toen Tony het bad in was gestapt maakte het water golfjes alsof er een hevige storm aan de gang was. Hij liet zichzelf onderuit glijden en bleef stil liggen, terwijl hij zijn ogen sloot. Het nemen van een bad was iets wat Tony altijd kalmeerde. Het was voor hem een manier om even nergens anders aan te denken, en zichzelf helemaal af te sluiten van de wereld. Terwijl hij een bad nam, dacht hij vaak terug op gebeurtenissen in zijn leven, zo ook op deze vroege ochtend.

Anthony Peter Maguire, werd op een zonnige voorjaarsdag in maart geboren, in het jaar negentien-drie-en-zeventig. Hij werd geboren in Sienna, en hij is de zoon van een Amerikaanse agent en zijn moeder was een Italiaanse mode-ontwerpster. Tony en zijn vader gingen vaak naar de film, en Tony heeft hier zijn voorliefde voor films aan overgehouden. Het feit dat Tony’s vader een agent was, was ook Tony zijn reden om dat te worden. Zijn vader stelde hem vaak teleur. Dat begon toen Tony ongeveer negen jaar oud was. Op die leeftijd verliet zijn moeder hem en zijn vader. Hij spreekt niet vaak over zijn moeder of zijn ervaringen met haar, maar hij benoemt haar vaak als de eerste vrouw die zijn hart brak. Nadat zijn moeder hen verliet, verhuisde Tony met zijn vader naar Baltimore. Dat was de plaats waar Tony’s vader opgroeide. Ze spraken geen woord over Tony’s moeder, en Tony’s vader was haar al gauw vergeten. Dat bleek uit het feit dat hij op een avond thuiskwam met een nieuwe vrouw, zonder ook maar te vragen aan Tony wat hij ervan vond. Tony kreeg weinig steun van zijn vader, en hij stond er dan ook vaak alleen voor. Dat heeft Tony’s zelfstandigheid en zijn voorkeur aan het alleen werken dan ook sterk beïnvloedt.

Op een avond gebeurde er iets vreselijks. Tony’s vader was die avond, zoals gebruikelijk, het huis uit, en Tony was bezig met zijn huiswerk. Die avond, rond één uur ‘s nachts werd er aan de deur geklopt. Tony opende de deur, en er stonden twee agenten voor de deur, en ze hadden een serieuze blik op hun gelaat. Tony kreeg een brok in zijn keel en zijn blik ging van de ene agent naar de andere. Eén van de agenten legde een hand op zijn schouder, en opende zijn mond.
“We hebben slecht nieuws...” zei één van de agenten.
Tony kreeg die avond de schrik van zijn leven. Hij moest het verhaal aanhoren dat zijn vader, na een avond doorzakken, dronken achter het stuur was gestapt, en dat hij samen met zijn vrouw tegen een boom was gereden, waarna de auto in de brand was gevlogen. Tony’s vader had zichzelf uit de auto kunnen bevrijden, maar zijn vrouw had minder geluk. Ze verbrande levend en haar lichaam kon niet meer geïdentificeerd worden. Tony’s vader had het zien gebeuren en hij had de politie gebeld, die na ongeveer twintig minuten waren gearriveerd. Maar toen was het al te laat. De auto brandde nog na, maar het vrouwelijke lichaam dat zich op de passagiersstoel had bevonden, was vergaan tot as.

Tony’s vader werd die avond opgepakt voor te hard rijden, rijden onder invloed en dood door schuld. Nadat Tony dit verhaal had aangehoord, werd hij door de agenten meegenomen naar het politiebureau waar zijn vader vastzat tot hij veroordeeld werd. In de auto was Tony afwezig. Zijn vader had hem al vaker teleurgesteld, maar dit hij nooit van hem verwacht. Eenmaal aangekomen op het bureau, kon Tony even met zijn vader praten. Toen hij de cel binnenliep waar zijn vader zat, keek die hem opgetogen aan. Tony’s vader stond op om zijn zoon te omhelzen, die bedachtzaam een stap naar achteren deed. Zijn vader liet zijn armen zakken, en zijn grijns verdween van zijn gezicht. De tranen sprongen in Tony’s ogen, die vervolgens de cel verliet en in de gang op een stoeltje ging zitten. Hij zette zijn handen in het haar en hij begon zachtjes te huilen. Na even gehuild te hebben, was hij op zijn stoel in slaap gevallen. De volgende ochtend werd Tony wakker gemaakt door een agent, die zichzelf voorstelde als Marty Rames.
“Je vader wordt nu verhoord. Wil je daarbij zijn?” vroeg Rames.
Tony richtte zich tot Rames, en wilde wat zeggen, maar hij bedacht zich.
“Ja...” antwoordde Tony. De agent knikte en Tony stond op. Rames ging hem voor naar een kamer. Het was een donkere kamer, waar zich een één of twee andere agenten bevonden, die naar Tony knikten. Tony knikte terug, en hij besefte waar hij beland was. Aan de muur hing een groot televisie scherm en in de hoeken hingen speakers, waaruit stemmen klonken. Eén van de muren was bedekt met een enorm glas. Achter dat glas bevond zich een verhoorkamer, waar zich een klein tafeltje bevond. Aan dat tafeltje bevond zich een man. Het was niemand minder dan Tony’s vader. Hij zag er waardeloos uit. Zijn overhemd was gekreukeld en zijn colbert was gescheurd. Zijn haar was geschroeid en hij was bedekt met schrammen en brandwonden. Tony vond het vreselijk om zijn vader zo te zien. Hij was blij dat hij zich achter een één-weg-spiegel bevond, en dat zijn vader dus niet doorhad dat zijn zoon meeluisterde en meekeek naar hoe hij verhoord werd over de gebeurtenissen van de avond daarvoor. Zoals hij altijd deed hield hij standvastig vol dat hij niks gedaan had.
“We weten dat je het gedaan hebt.” zei de ondervrager tegen Tony’s vader.
“Ik heb helemaal niks gedaan.” kreunde Tony’s vader.
“Meneer Maguire, kunt u zich iets, maar dan ook iets herinneren van wat er gisterenavond om tien over één ‘s nachts gebeurd is?”
Tony’s vader keek de ondervrager verstoord aan. Hij opende zijn mond een paar keer om hem vervolgens weer te sluiten.
“Nou?!” de ondervrager was zijn geduld verloren.
Tony’s vader schrok als uit een droom wakker en Tony zag in zijn ogen dat hij bang was.
“Nee, nee... Echt niet...”
De ondervrager verliet de ondervragingsruimte en Tony’s vader bleef daar alleen achter. Hij haalde zijn handen door zijn haar en hij raakte langzaam maar zeker in paniek. Na vijf minuten kwam de ondervrager terug. Deze keer met een envelop in zijn handen, die hij op tafel smakte voordat hij zelf ging zitten en de envelop opende zonder dat hij zijn blik van Tony’s vader afwende. Uit de envelop verschenen diverse foto’s. Op de ene foto stond een verbrande auto, en op een andere was het verbrande lichaam van een jonge vrouw (althans, dat werd aangenomen) te zien. Tony’s vader bekeek de foto’s aandachtig, en hij probeerde rustig te blijven, maar Tony zag de angst in zijn vaders ogen. Hij vond het vreselijk om hem zo te zien, maar hij zou het laf van zichzelf vinden om weg te lopen.
“Gaat er een belletje rinkelen?” vroeg de ondervrager.
Tony’s vader keek hem een tijdje aan voordat hij antwoord gaf.
“...Ja.” antwoordde hij rustig. “Ik beken...”
“Vertel ons dan het hele verhaal, meneer.”
“Gisterenavond ben ik rond een uur of tien op stap gegaan, ik had een afspraak met een drugsdealer. Ik heb mijn zoon verteld dat ik een zakenafspraak had, maar hij kan bevestigen dat ik rond tien uur het huis verlaten heb...”
Agent Rames, die naast Tony stond, keek hem aan en Tony knikte bevestigend.
“Ik ging naar de dealer, ik kocht wat drugs en ben toen weer op weg naar huis gegaan.” ging Tony’s vader verder. “Op mijn weg naar huis zag ik een vrouw langs de weg staan, en ik nam aan dat ze autopech had. Ik ging aan de kant staan en probeerde haar te helpen. We hebben de wegenwacht gebeld, en ik vroeg haar of ze wat wilde gaan drinken. We zijn toen met mijn auto bij een bar gestopt en hebben daar wat gedronken. Na een paar drankjes zijn we weer in de auto gestapt, het was toen rond één uur, en ik ben op weg naar haar huis gegaan. Ik had wat gedronken en het was behoorlijk laat, dus ik miste een stopbord. We zijn aan de kan geduwd door een auto van rechts, en uit paniek ben ik tegen een boom gereden.” hij stopte even met praten.
“En toen?” vroeg de ondervrager.
Tony’s vader keek naar een plekje op de tafel en keek de ondervrager niet aan.
“Ik ben uit de auto geklommen, en heb haar levend horen verbranden...”
De tranen sprongen in zijn ogen en hij begon zachtjes te huilen. Dat was de eerste keer dat Tony zijn vader had zien huilen. Er kwam een man de ondervragingsruimte binnenlopen. Hij ging achter Tony’s vader staan en hij legde zijn handen op zijn rug. Hij pakte een paar handboeien en deed die om bij Tony’s Vader. Tony’s vader stond op en keek richting de één-weg-spiegel, en hij wist dat Tony daar stond toe te kijken. Hij liet zijn hoofd hangen en hij werd de ruimte uitgeleid.

Tijdens de dagen die volgden werd Tony’s vader in hechtenis genomen op het politiebureau tot hij veroordeeld zou worden. Een week na het ongeluk kreeg Tony een brief thuis gestuurd. In de brief stond dat Tony’s vader die dag veroordeeld zou worden, en dat ze Tony uitnodigde om aanwezig te zijn bij het moment waarop de rechter zijn uitspraak deed. En zo geschiedde. Die middag was Tony aanwezig in een grote ronde zaal. De muren waren wit met houten planken ertegenaan. In het midden van de ruimte bevond zich een tafel. Aan de tafel zat een man met zijn grijze haar, dat hij in een scheiding droeg. Hij had een zwart pak aan. Hij zat gericht op een groot bureau, waarachter zich een forse priester bevond en er prijkte een grote krulsnor boven zijn lippen. Naast de priester stond een klein stoeltje, waarop zich een kleine en keurige man bevond met een halvemaan brilletje dat prijkte op zijn grote neus. Op zijn schoot bevond zich een typemachine, en Tony had al vaker gezien en gelezen wat het nut van dat kleine mannetje was. Hij had de opdracht om elk woord wat de verdachte zei, vast te leggen op papier. Tony zelf bevond zich in het publieksvak. Toen de hoorzitting eenmaal begon vertelde Tony’s vader zijn verhaal opnieuw, waarna de rechter zijn uitspraak zou doen.
“Meneer Gerald Peter Maguire, u wordt beschuldigd van rijden onder invloed en dood aan schuld. Hebt u nog iets toe te voegen aan deze beschuldigingen?” zei de rechter.
“Alleen dat het me spijt...”
“Heeft iemand uit het publiek nog iets toe te voegen aan de beschuldigingen?”
Uit het publiek kwam iemand naar voren. Het was een donkerharige jongeman, en een klein snorretje was zichtbaar boven zijn bovenlip. Het was Tony, gekleed in een zwart pak. De tranen stonden hem in de ogen. Hij opende zijn mond om iets te zeggen, maar hij bedacht zich. Hij schudde zijn hoofd en verliet de rechtszaal.
“Meneer Gerald Peter Maguire, u bent veroordeeld tot een taakstraf van zeven-honderd-en-twintig uur en u zal vijf jaar doorbrengen in de gevangenis van Baltimore. Dit is mijn uitspraak.” waarna een hamerslag klonk.
Terwijl Tony’s vader de rechtszaal werd uitgeleid stond Tony zelf vanaf een afstandje te kijken. Hij en zijn vader wisselden een moment van oogcontact, waarna zijn vader achter grote, donkere, eikenhouten deuren verdween. Tony liep het rechtsgebouw uit, waarna hij wegrende. Hij wilde wegrennen van alle ellende. Hij kon niet geloven dat dit gebeurde. Het werd donker, maar Tony bleef rennen, tot hij in een donker steegje belandde, dat zich dicht bij de pier bevond, en hij niet meer besefte waar hij was. Tony voelde zich niet op zijn gemak. Hij draaide zich om, maar hij liep tegen een pistoolloop aan. De pistoolloop liep over in een hand, die toebehoorde aan een blond persoon. Hij was ongeveer even lang als Tony, en ook ongeveer even oud als hem. Hij vroeg zich af hoe zo iemand zijn leven zo kon verpesten, en toen dacht hij aan zichzelf, wiens leven een paar uur daarvoor ook verpest was.
“Geld, horloge. En snel!” zei de blonde overvaller.
“Rustig aan.”
Tony reikte naar de binnenkant van zijn colbert, maar hij was helemaal niet van plan zijn geld of horloge af te staan aan een ordinaire overvaller. Toen hij zijn hand in zijn binnenzak had, greep hij zijn kans. Hij gaf de overvaller een elleboog in het gezicht, waarna hij hem op de grond legde, en de overvaller ontdeed van het geweer. In het maanlicht wat nu op de overvaller zijn gezicht scheen, zag hij zijn gezicht beter. In het gezicht van de overvaller was angst te zien. Hij had bruine ogen, en op zijn kin had zich een vlassig baardje gevormd. Hij was duidelijk bang dat Tony hem dood zou schieten. Inplaats daarvan liet Tony het wapen zakken, en toste hij het in het water. De overvaller keek Tony verbaasd aan. Tony rende weg van het steegje en weg van de overvaller. Hij keek op zijn weg terug niet meer achterom.

Die donkere woensdagavond veranderde Tony’s leven. In een paar uur was hij zijn vader en zijn leven kwijtgeraakt. Tony, toen negentien jaar oud, besloot die avond van huis weg te lopen en nooit meer terug te keren. Hij pakte de belangrijkste spullen in en verliet het huis, om zich in ruil daarvoor aan te sluiten bij de marine. Hij belandde op de Marine Academie, waar hij zich thuis voelde. Hij maakte veel nieuwe vrienden, en kon het vinden met vrijwel elke leraar. Maar de directeur vroeg zich iets af, vandaar dat hij Tony op een mooie juni avond bij hem riep. Tony had al vaker met de directeur gesproken, hij mocht hem graag, maar deze keer was het anders. Tony had naar eigen zeggen niks verkeerds gedaan. Hij klopte op de grote deur, waarna hij een zware stem, “Binnen” hoorde zeggen. Tony opende de deur, waarna hij naar de directeur salueerde.
“U wilde me spreken, meneer?” vroeg Tony.
“Ah, meneer Maguire. Gaat u alstublieft zitten.” antwoordde de directeur met een vriendelijke stem.
De directeur was een breedgeschouderde man, met zwart haar. Hij had een grote zwarte snor, en een litteken liep over zijn linkeroog. De aderen op zijn hoofd waren opgezwollen en hij kwam intimiderend over. Op zijn legergroene overall was een naamplaatje gespeld, waar de naam ‘Robinson’ op te lezen was. Robinson was nu de directeur van de academie, maar later zou hij de directeur worden van het federale onderzoeksbureau, wat beter bekend staat onder de letters, F.B.I.
“Waar wilde u me over spreken, meneer?” vroeg Tony.
“Ik heb je dossier nog eens bekeken, meneer Maguire, en ik vroeg me iets af. Hoe kan het dat de zoon van een gevallen agent (deze woorden deden Tony pijn) op zijn negentiende jaar wegloopt van huis, en belandt op de marine academie?”
“Geluk, meneer?”
Robinson keek Tony strak aan, terwijl hij wees naar een bord dat aan de muur hing. Op het bord stond, “There is no such thing”, vrij vertaald, “er bestaat niet zoiets”.
“Kijk, meneer Maguire. Ik geloof dat alles gebeurt met een reden.”
“Waar doelt u op, meneer?” vroeg Tony argwanend.
“Ik doel op het feit dat jij niet zomaar op deze school zit, en dat kan ik bewijzen. Jouw vader was een gerespecteerd agent, althans, in zijn goede jaren. Na het ongeluk en de veroordeling van je vader, knapte er iets bij jou. Je voelde je... alleen en teleurgesteld. Je besloot dat leven achter je te laten en een nieuwe te beginnen. Je wilde de man worden die je vader ooit was, alleen beter... Heb ik daar gelijk in?”
Tony stond op, en de woede was te zien in zijn ogen, iets wat Robinson leek te amuseren.
“Dit gesprek is voorbij!”
Tony liep naar de grote deur, maar Robinson riep hem nog iets toe.
“Maguire, je vader was een teleurstellend man. Doe hem dat niet na...”
Tony rolde met zijn ogen waarna hij de deur sloot. Robinson grinnikte en hij ging weer aan zijn bureau zitten.

Tony liep door de gang toen hij twee mensen tegen het lijf liep. De ene persoon was een kapitein, waar Tony vaak onder gediend had toen hij op verschillende schepen gestationeerd was. De naam van de kapitein was Norman Cray. Tony mocht hem graag. Maar Cray had iemand bij zich, iemand die Tony dacht te herkennen, maar hij kon het niet precies plaatsen.
“Tony! Precies de persoon die ik zocht.”
Hij schudde Cray de hand.
“Wat is er, kapitein?” vroeg Tony.
“Maak kennis met je nieuwe kamergenoot.” zei Cray.
Tony keek verbaasd, maar toen richtte hij zich op zijn nieuwe kamergenoot. Toen ze elkaar de hand schudde was in beide ogen te zien dat ze elkaar herkenden.
“Anthony Maguire.” zei Tony.
“Christopher McCoy.” zei de nieuwe kamergenoot.
Tony’s glimlach ging over in een serieus gezicht toen hij de jongeman nog eens goed bekeek.
“Wacht eens even! Jij bent het!” riep Tony uit van verbazing.
Ook bij Christopher was nu duidelijk geworden wie er tegenover hem stond.
“Jij!” riep ook Christopher uit.
Cray stond in alle verbazing te kijken naar het tafereel wat zich voor zijn ogen voltrok. Twee twintigers, die elkaar kennelijk eerder ontmoet hadden, stonden elkaar uit te kafferen.
“Dus, jullie kennen elkaar al. Dat is geweldig! Praat maar verder in jullie kamer, dan ga ik weer aan het werk.” zei Cray met een geacteerde glimlach.
Eigenlijk wilde hij gewoon dat hij niks meer met de twee te maken hoefde te hebben. Hij begeleidde de twee naar hun kamer, waarna hij de deur sloot en hij vloekend weg liep.
“Je probeerde me te overvallen!” riep Tony naar Christopher.
“Jij gooide mijn geweer in het water!” riep Christopher naar Tony.
“Houd toch op met dat gelul, waarom probeerde je me te overvallen?” vroeg Tony boos.
“Ik kon niet anders, ik had niet echt een keuze.”
De twee waren gestopt elkaar uit te schelden en waren nu een zinvolle en rustige discussie begonnen. Tony legde uit dat hij op de avond van de overval zijn vader was kwijtgeraakt aan de gevangenis. Op zijn beurt legde Chris uit aan Tony dat hij lid was van een probleemfamilie en hij probeerde om te ontsnappen uit die nachtmerrie. Op welke manier dan ook aan geld komen was zijn enige mogelijkheid om te overleven.
“Even terzijde, noem me gewoon Chris, oké?”
“Oké. Zullen we, na onze eerste rommelige aanvaring, opnieuw beginnen? Mijn naam is Tony.” en hij stak zijn hand uit.
Chris grinnikte en hij schudde Tony de hand.
“Mijn naam is Chris.” zei hij.

In de weken die volgde leerden Chris en Tony elkaar beter kennen. Ze konden het goed met elkaar vinden. Maar op een dag werd Chris overgeplaatst. Hij zou op de USS Sea Ranger gestationeerd worden, en hij zou lange tijd op zee blijven. Dit was in hun examenjaar en ze hadden al plannen gemaakt voor wat ze zouden gaan doen nadat ze de academie hadden verlaten. Het plan van Chris stond dus al vast. Voor een onbepaalde periode op zee om oorlogen te voeren of die te voorkomen. Toen ze met vlag en wimpel geslaagd waren, en ze officieel deel uit maakten van de Amerikaanse Marine, was het tijd om afscheid van elkaar te nemen.
“Dus... Dit is het dan?” vroeg Tony onzeker.
“We zien elkaar nog terug. Dat weet ik zeker.” zei Chris.
“Ik ga je missen, vriend.” zei Tony.
“Ik jou ook.” antwoordde Chris.
Ze schudden elkaar de hand, waarna ze naar elkaar salueerden. Chris pakte zijn koffer en hij verliet de kamer. Tony had nu niks meer te zoeken op de academie, dus het was ook aan hem om de academie te verlaten. Hij had al een klein appartement kunnen regelen in Washington DC. Hij moest nu alleen nog zijn spullen pakken, en dan kon ook hij dit hoofdstuk van zijn leven afsluiten. Hij pakte zijn spullen, maar hij bleef even staan toen hij een foto zag. Het was een foto van hem en Chris tijdens een verjaardagsfeestje van één van de studenten. Die avond was een mooie avond geweest. Even geen zorgen en gewoon genieten van het moment. Het voelde alsof hij wel uren naar de foto stond te kijken, voor hij hem in een doos stopte. Toen hoorde hij geklop op de deur. Tony keek op. In de deuropening stond niemand minder dan directeur Tobias Robinson. Voor een minuut keken ze elkaar aan, en toen opende Robinson zijn mond.
“Dus, je vertrekt?”
“Ehm, dat lijkt er wel op hè?” antwoordde Tony sarcastisch.
“Spot niet met me, Maguire.”
“Ik ben officieel geen student meer aan deze academie, dus u kunt mij niks meer maken.”
Robinson opende zijn mond, maar hij bedacht zich. Hij liep naar de deur en draaide zich nog even om.
“Onze wegen zullen elkaar nog eens kruisen.”
“Daar ben ik zeker van.” antwoordde Tony scherp.
Robinson knikte. Beide heren salueerden elkaar en Robinson verliet de kamer.

De ochtend daarna stond Tony vroeg op. Hij had de avond daarvoor al afscheid genomen van zijn vrienden en zijn leraren. Althans, de leraren die hij mocht. Hij had de meeste spullen al in de hal gezet en hij moest nu alleen nog een paar kleine dingen uit zijn kamer halen. Hij stopte de laatste spulletjes in een rugzakje en keek toen nog eens goed de kamer rond. In deze kamer had hij ruim zes jaar van zijn leven doorgebracht. Hij had goede herinneringen aan die zes jaar. Hij wierp nog één blik op wat hij achter zou laten en sloot toen de deur achter zich. Hij had zijn auto al voor het gebouw gezet, en nu kon hij beginnen met inladen. Toen dat eenmaal gebeurd was keek hij nog even naar het gebouw. Het was hem nooit eerder opgevallen hoe groot het eigenlijk was. Hij opende het portier van zijn auto, waarna hij het sloot. Hij startte de auto en reed de opkomende zon tegemoet.

Uit de speakers van zijn auto dreunde de heerlijke klassieker ‘Every Kinda People’ van Robert Palmer, terwijl hij over de snelweg reed, op weg naar zijn appartement in Washington. Toen hij tegen het vallen van de avond aankwam in Washington was Tony doodop. Normaal gesproken zou je moe worden van tegen iemand praten tijdens een autorit, maar Tony was bijna niets anders gewend. Hij werd juist moe van niet tegen iemand kunnen praten. Hij parkeerde zijn auto voor het appartementen complex, en begon met tegenzin zijn spullen uit te laden. Met veel problemen lukte het hem uiteindelijk om alle dozen boven te krijgen. Bij de laatste doos ging het goed mis. Hij maakte een verkeerde stap waardoor de laatste en ook zwaarste doos bovenop zijn voet belandde. Hij had hardop gescholden wat de aandacht trok van Tony zijn overbuurvrouw.
“Meneer, kan ik helpen?” had ze gezegd.
Tony had zich omgedraaid en keek toen recht tegen de voeten van zijn overbuurvrouw aan. Met verbazing inspecteerde hij haar van haar mooi gevormde voeten tot haar glanzende donkerblonde haar, dat als een soort krul over haar schouder hing, voordat hij reageerde op de vraag die ze gesteld had.
“Ehm... Ja, graag.” zei Tony met aarzeling.
De overbuurvrouw glimlachte lief en hielp toen Tony om de doos van zijn voet te tillen. Ze zette de doos boven, waarna ze Tony omhoog hielp.
“Mijn naam is Nicole Delhony.” zei de overbuurvrouw, en ze stak haar hand uit.
“Mijn naam is Maguire. Anthony Maguire.” zei Tony lachend, en hij schudde haar de hand.
“Zal ik je helpen de rest van je spullen naar binnen te brengen?” vroeg Nicole vriendelijk.
Tony moest even nadenken voor hij daar antwoord op gaf. Kon hij een vrouw zoiets vragen. Maar, ze bood het aan... Toen bedacht Tony zich dat hij doodop was van de rit en hij kon alle hulp van de wereld gebruiken.
“Nicole, als jij er geen probleem mee hebt. Dan graag.” en hij glimlachte.
Tony opende de deur van het slot en samen brachten hij en Nicole alle dozen naar binnen. Tony bedankte Nicole en ze wensten elkaar welterusten.

Na ongeveer twee weken was Tony helemaal gesetteld in zijn nieuwe appartement. Hij en Nicole hadden een goede band ontwikkeld. Ze had hem geholpen met allemaal verschillende dingen aan het appartement. Ze had Tony geholpen met inrichten en het schilderen, en ze hoefde er niks voor terug te hebben. Op een avond besloot Tony haar uit eten te vragen. Nicole had de uitnodiging geaccepteerd.
“Dus, Nicole. Wat doe je eigenlijk voor werk?” had Tony tijdens het etentje gevraagd.
“Ik ben bezig met mijn studie geschiedenis. Ik heb er van de drie jaar nu twee jaar opzitten.” had ze geantwoord.
“Geschiedenis, hè. Waarom geschiedenis? Had je er een speciale interesse in?”
“Nadat ik verschillende films (dit wekte Tony’s interesse) over geschiedenis had gezien, trok het mijn aandacht. Ook is het zo dat verschillende leden van mijn familie iets doen wat te maken heeft met geschiedenis. Mijn vader bijvoorbeeld. Hij hield zich veel bezig met archeologie. Ik interesseer me meer in oude sektes en culten.”
“Interessante achtergrond. Welke films over geschiedenis, als ik vragen mag? Ik ben zelf een behoorlijk grote filmfanaat namelijk.”
“Ik kan me ze niet allemaal meer herinneren. Maar films die me deels aangespoord hebben om geschiedenis te gaan studeren zijn de Indiana Jones-films.”
“Heerlijke films! Ik heb ze allemaal al een stuk of tien keer gezien.”
“En jij dan Tony. Wat doe jij voor werk?”
“Ik heb geen vaste baan. Ik word wel eens opgeroepen door mijn werk, maar de laatste tijd heb ik niks van ze gehoord. Ik ben een week of twee geleden afgestudeerd aan de Marine Academie.”
“Een marinier? Spannend hoor.”
“Minder spannend dan het klinkt.”
En zo praatten ze nog wel even door over verschillende onderwerpen. Tegen elf uur wou Nicole terug naar haar appartement. Ze moest goed uitgerust zijn voor een tentamen wat ze die ochtend daarna zou hebben. Tony betaalde de rekening en begeleidde Nicole vervolgens terug naar haar appartement.
“Ik heb een heerlijke avond gehad, Tony.”
“Ik ook. Succes met je tentamen morgen, Nicole.”
Ze omhelsden elkaar en Tony wou zich omdraaien, maar Nicole pakte hem stevig vast en drukte haar lippen op die van Tony. Tony werd overdonderd door het moment, maar hij voelde geen drang om erover na te denken. Voor zijn gevoel stonden ze daar een eeuwigheid. Toen Nicole hem los liet waren ze allebei stil. De stilte werd onderbroken door Nicole.
“Ik ehm... Ik denk dat ik maar eens ga slapen.”
Tony wilde niet beginnen over het innige moment dat ze zojuist gedeeld hadden.
“Ik... Ik spreek je morgen misschien nog wel.” reageerde hij.
Hij liep naar zijn deur en Nicole bleef in haar deuropening staan. Ze deelden nog een moment van oogcontact waarna ze gelijktijdig de deur sloten. Tony stond aan zijn kant van de deur met de handen in het haar.
‘Waarom ben je er niet tegenin gegaan, stomkop.’ dacht hij bij zichzelf.
Hij had geen idee wat hij moest doen. Hij kon Nicole niet zomaar confronteren over de kus, maar haar negeren kon hij ook niet zomaar doen. Nicole dacht precies hetzelfde. De kus was een impuls geweest. Maar, ze wisten allebei dat ze iets voor elkaar voelden. Tony ging op zijn bed liggen, nadenkend over wat er nu zou gebeuren. In zijn hoofd vond er een heel tafereel plaats, wat hem deed denken aan een film. Na ongeveer een uur nagedacht te hebben viel hij in slaap. Nicole deed aan haar kant van de gang hetzelfde...

De dag daarna was Tony erg nerveus. Hij wist nog hoe de kwestie aan moest pakken. Die ochtend was hij van plan geweest om Nicole te confronteren met de kus, maar toen was hem te binnen geschoten dat ze een tentamen had. Hij wachtte de hele dag op haar terugkeren. Toen hoorde hij rond acht uur voetstappen op de gang. Hij aarzelde, maar voor hij zich kon bedenken had hij de deur al geopend en had hij Nicole al aangesproken. Nadat hij dit gedaan had, hoopte hij dat hij zich gewoon kon omdraaien en de deur weer kon sluiten. Doen of dit niet gebeurd was.
“Hoe ging je tentamen?” vroeg Tony.
Hij bedacht zich dat hij beter eerst kon beginnen over iets anders, voor dat hij ter zake zou gaan.
“Prima, Tony. Nog iets anders wat je wil zeggen?”
In zijn gedachten zei hij “Nee.” en was hij alweer omgedraaid, maar in werkelijkheid was het anders. Hij stond ongemakkelijk in de deuropening terwijl hij de mooiste vrouw die hij ooit ontmoet had nerveus stond aan te kijken.
“Over gisteravond... Ik denk dat-.”
Voordat Tony zijn zin kon afmaken werd hij onderbroken door Nicole.
“Tony, ik weet het. Het was fout van me. Maar, ik... Ik ben gewoon zo verliefd op je.”
Tony was opgetogen, bang en verbaasd tegelijk. Onderdelen van zijn gezicht waren het dan ook niet eens welke van deze drie gevoelens ze moesten uitdrukken, waardoor zich een domme uitdrukking had gevormd op Tony’s gezicht.
“Ik ben denk ik ook verliefd op jou.”
“Waarom kom je dan niet hierheen en kus je me?”
Tony liep naar Nicole toe en kuste haar, net zoals ze de voorgaande avond gedaan hadden. Tony had zich voor het eerst in een lange periode echt vrolijk gevoeld. Hij wilde het liefst naar het hoogste punt van de stad gaan en uit volle borst zijn vrolijkheid uitschreeuwen. Hij en Nicole stonden daar een tijdje en bekommerden zich niet om wat er om hen heen gebeurde. Ze maakten zich niet druk om passerende bewoners of mensen die hen raar aankeken. Toen ze eenmaal klaar waren met hun innige tafereel, begaven beiden zich terug naar hun appartementen, terwijl ze elkaar niet uit het oog verloren.

Van het één kwam het ander, en na twee gelukkige jaren samen trouwden Tony en Nicole in besloten kring. Tony had Chris willen uitnodigen, maar hij was nergens te bereiken. Sinds Chris was vertrokken op zijn missie op de USS Sea Ranger, had Tony maar één keer iets van hem gehoord. Hij vertelde dat hij aan boord van het schip een vriendin gekregen had. De rest van de bemanning wist er niks van, dus ze moesten het stil houden. De dag dat Tony contact met Chris had gehad, was ook de dag geweest dat Tony te horen kreeg dat Nicole zwanger was van een zoon. De eerste zoon van Tony en Nicole, Nathan genaamd, werd na drie jaar vergezeld door een broertje, die de naam James kreeg. Tony had aan twee kinderen eigenlijk al genoeg, al vond hij het jammer dat hij geen dochter had. Deze wens kwam later in vervulling, toen Nicole hem vertelde dat er een meisje aankwam. Tony was het oorspronkelijk niet honderd procent eens met een derde kind, maar na een gesprek met Nicole was hij om, en verheugde hij zich op de dochter, die hun zoons zou vergezellen.

De twee zagen hoe hun kinderen opgroeiden en zelfstandiger werden. Ondanks het feit dat Nicole gelovig was, hadden de twee afgesproken dat ze de kinderen niet religieus zouden opvoeden. Dit leidde wel eens tot discussies, maar Tony wist Nicole altijd gerust te stellen. Hij zei tijdens zo’n discussie altijd dat de kinderen zelf mocht kiezen wat ze zouden geloven en wat niet. De periode waarin Tony Nicole had ontmoet, en zijn leven gevuld werd met blije kinderstemmen, ging op een donkere en zwarte zaterdagochtend over in een periode van verdriet en pijn. Een periode waarvan Tony hoopte dat hij hem niet meer mee zou maken. Op die donkere ochtend, was de familie naar de stad gegaan. Ze vierden het tienjarig jubileum van Tony en Nicole. Nicole wilde met Nathan en hun dochtertje, die ze Alicia hadden genoemd, een cadeautje kopen voor Tony. James had aan zijn vader gevraagd, of zij met zijn tweeën dan iets voor Nicole konden gaan kopen. Tony had daarmee ingestemd. Terwijl Tony en James in een sieraden winkel stonden, werd James afgeleid door een bal, die door de winkelstraat rolde. Zonder erbij na te denken was hij erachter aangelopen. Tony had niks gemerkt.
“James, wat vind je van deze?”
Tony had een mooie parelketting uit een vitrine gehaald. Hij besefte dat zijn zoon, die een seconde geleden nog naast hem stond, weg was. Een schok ging door Tony heen, toen hij de parelketting op de grond liet vallen. De witte ronde parels waren van het touwtje gescheurd en rolden de hele winkel door. Tony rende naar buiten, terwijl hij de naam van zijn zoon roepend, om zich heen keek. Even verderop in de straat zag hij Nicole, met Nathan en Alicia.
“Nicole! Nicole! Heb je James gezien?” zei Tony gefrustreerd.
“Nee. Wacht, hij was toch bij jou?”
“Ja, met nadruk op was.”
“Wat bedoel je?”
Tony was alweer verder gerend, nog steeds om zich heen kijkend. Waarom moest dit gebeuren, en waarom bij hem? Toen opeens, zag hij James, aan de overkant van de straat. Het koppie met donkerbruin haar, droeg een leren jack, zoals James altijd deed. James liep kennelijk ergens achteraan, maar Tony kon niet zien wat het was.
“James! James!” riep Tony herhaaldelijk, terwijl hij naar zijn zoon rende.
James had het gehoord en had zich omgedraaid. Hij stak de straat over, maar hij lette niet op het verkeer.
“James!” riep Tony.
James keek precies in de richting van een snel naderende auto. Toen ging alles heel langzaam. Tony rende naar zijn zoon toe, die verstijfd van de schrik, midden op de weg stond, kijkend naar de naderende auto. Zonder erbij na te denken sprong Tony richting zijn zoon, met zijn rug naar de naderende auto. Tony wachtte tot de auto hem zou raken, en toen ging hij buitenwesten. Hetgeen wat hij hoorde voor hij buitenwesten ging, was het getoeter van auto en het geschreeuw van mensen.

Een paar dagen later werd Tony wakker in het ziekenhuis. Hij had behoorlijk pijn aan zijn hoofd, en zijn arm zat in het verband. Hij keek het vertrek waar hij in lag eens goed rond. Aan de rechter zijde van zijn bed stond een bos met bloemen. Aan de andere zijde van zijn bed stonden zijn familieleden, maar er ontbrak iemand. Zijn jongste zoon stond er niet bij. Hij dacht het ergste, maar hij wilde die gedachte uit zijn hoofd verbannen. Hij wou het niet geloven. Hij kón het niet geloven. Maar hij wou zekerheid.
“Waar is James?” bracht hij moeilijk uit.
“Tony...”
“Waar is mijn zoon, verdomme?!
Nicole barstte in tranen uit. Ook bij zijn zoon en dochter stonden de tranen in hun ogen.
“Hij is dood, Tony! Onze zoon is dood!”
Nicole begon harder te huilen. Bij Tony was het nog niet helemaal doorgedrongen. Hij voelde de tranen in zijn ogen staan. Waarom zijn zoon? Waarom hij niet? Waarom kon hij niet doodgaan zodat zijn zoon gespaard zou blijven? Zijn vrouw had inmiddels een omhelzing gegeven. Maar nu, van alles wat hij niet nodig had, kreeg hij een omhelzing. Alsof een omhelzing zijn zoon terug zou brengen.
“Waarom heb je hem niet gered, Tony?”
Tony wist niet zeker of hij die vraag goed verstaan had.
“Sorry?”
“Waarom ben je niet bij hem gebleven? Je had hem kunnen redden. Waarom heb je dat niet gedaan?” zei Nicole huilend.
“Wil je mij vertellen dat dit alles mijn schuld is?”
Tony kreeg op deze vraag geen antwoord. De verpleegster had zijn vrouw en kinderen verteld dat Tony rust nodig had. Maar hoe kon hij in godsnaam rusten, als zijn zoon dood is? Hoe kon hij rusten, nu zijn vrouw hem de schuld geeft van zijn zoon zijn dood? Het enige wat hij nu voelde was verdriet en woede.

De dood van zijn zoon was nog niet alles wat in die donkere periode van Tony’s leven plaatsvond. In die periode kwam hij erachter wie zijn vrouw echt was. Nicole heeft Tony’s leven kapotgemaakt. Ze beschuldigde Tony van huiselijk geweld, waar ze een mooi zakcentje op na hield. Na deze beschuldiging werd Tony de voogdij over zijn twee overgebleven kinderen ontzegd, en werd er een echtscheiding aangevraagd, waardoor Tony nog meer geld kwijtraakte aan zijn vrouw. Met al het geld dat hij was kwijtgeraakt, kon hij amper de huur van het appartement betalen. Het enige wat Nicole erover zei was dat het “God’s wil” was. Tony had gezegd dat dat onzin was, maar Nicole wilde niet luisteren.

Na de scheiding had Tony een sollicitatiegesprek met de FBI. Tony dacht klaar te zijn met het gesprek, maar de meneer die het gesprek afnam stelde nog één laatste vraag.
“Voor ik het vergeet, ik heb nog één laatste vraag, meneer Maguire. Waarom wilt u eigenlijk bij de FBI?”
Tony slikte voordat hij antwoord gaf op die vraag.
“Ik was niet in staat om mijn eigen familie te redden. Mijn leven is veranderd, op een negatieve manier... Ik wil niet dat andere mensen hetzelfde lot ondergaan als ik...” had hij geantwoord met tranen in zijn ogen.
“Dank u. U kunt gaan.”
Tony schudde de man de hand en hij ging terug naar huis. Deze keer nam hij niet de kortste route vanuit de stad, zoals hij altijd deed, nee deze keer nam hij een omweg. Hij wou nadenken over een aantal dingen. Hij liep door het park, waar hij allemaal blije families zag, die vrolijk met elkaar speelden. Toen verbeelde hij zich hoe hij dat ook had gedaan met zijn familie. Hij werd er treurig van... Hij liep door zonder nog om zich heen te kijken. Toen hij eenmaal thuis was, ging hij op bed liggen. Hij dacht aan hoe zijn leven een paar maanden geleden nog was geweest. Hij kon zijn tranen niet bedwingen, en huilend viel hij inslaap. Tony had de laatste paar weken amper geslapen. Dezelfde droom kwam telkens terug. Hij moest elke avond aanzien hoe hij zijn zoon niet had kunnen redden, en wat de gevolgen daarvan waren geweest. Deze avond was dat niet anders geweest. De ochtend daarna werd hij bezweet wakker. De telefoon rinkelde. Hij stond op en wankelde naar de telefoon. Die ochtend hoorde hij het eerste goede nieuws in maanden. Hij hoorde dat hij was aangenomen bij de FBI, en dat hij de week daarop kon beginnen. En zo gebeurde het. Hij werd gestationeerd bij het bewijs depot. Bij het bewijs depot kwam hij iemand tegen. Iemand die hij lange tijd niet gezien had.
“Oké, Tony. Dit zal je nieuwe werkplek worden. Maar, allereerst wil ik je voorstellen aan één van je nieuwe collega’s, Christopher McCoy.”
Tony was verstijfd van verbazing.
“Wel verdomd...” had hij zachtjes gezegd.
Chris had zich omgedraaid, en ook hij was verstijfd van verbazing. Ze liepen op elkaar af en gaven elkaar een stevige handdruk.
“Goed je te zien, vriend!” zei Chris opgewonden.
“Het is te lang geleden!” zei Tony met dezelfde opwinding.
Die maandagmiddag had Tony zich voor het eerst in weken vrolijk gevoeld.
En nu zijn we tien jaar verder. Tony en Chris zijn elkaars partner en doen nu vrijwel alle missie’s samen. Tony was inmiddels verhuisd. Een nieuw hoofdstuk van zijn leven was begonnen.

Tony werd wakker. Hij was inslaap gevallen in het bad. Hij keek op het wekkertje dat op de rand van de wasbak stond. Hij zag tot zijn schrik dat het al half twee was! Hij klom het bad uit en sprintte naar zijn kledingkast. Hij pakte één van zijn pakken uit de kast en hij ging naar beneden. De woonkamer van Tony straalde al zijn persoonlijkheidstrekjes uit. Boven zijn bank hing een groot schilderij van zijn zoons en dochter. Hij glimlachte. Zijn TV stond aan. Hij had de avond daarvoor ‘Pulp Fiction’ gekeken. Het was de favoriete film van Tony, en hij had hem vergeten uit te zetten. Hij maakte snel een ontbijtje en hij pakte een kop koffie. Hij ging in de grote zwarte stoel zitten die in de woonkamer stond en keek nog een stuk van de film, tot Chris hem zou komen halen. Iets over half drie ging de deurbel. Tony stond op, zette zijn bord in de keuken en hij liep naar de voordeur. Toen hij de deur opendeed stond daar Chris. Ook hij was gekleed in een net pak, en een grote glimlach was zichtbaar op zijn gelaat. Tony keek op zijn horloge.
“Je bent laat.” glimlachte hij.
“Ja, vijf minuten.”
“Vijf minuten teveel, beste kerel.”
Ze schudde elkaar de hand en Tony stapte naar buiten. Hij sloot de deur en hij stapte samen met Chris in Chris zijn auto.

Gebruikersavatar
Secret1994goesFilm
Oscar winnaar
Oscar winnaar
Berichten: 1551
Lid geworden op: 01 nov 2011 19:30
Locatie: Vlaanders
Contacteer:

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door Secret1994goesFilm » 27 aug 2013 14:30

Heb niet veel tijd gehad, dus heb maar een klein stukje kunnen FEEDBACKEN ;)
Ik neem een quote en de vetgedrukte zinnen zijn van mij :P
JamesBond schreef:Tony werd wakker. Hij was inslaap gevallen in het bad. Hij keek op het wekkertje dat op de rand van de wasbak stond. Hij zag tot zijn schrik dat het al half twee was! Hij klom het bad uit en sprintte naar zijn kledingkast. Hij pakte één van zijn pakken uit de kast en hij ging naar beneden. S*94:Je gebruikt veel 'Hij' achter elkaar, wat ,denk ik toch, een beetje moeilijk en herhalend gaat lezen. Je zal zowat trucjes moeten vinden om niet altijd hetzelfde woordje te gebruiken. Ook wat ENTERS is ook overzichterlijk ;) (zoals na deze zin)
De woonkamer van Tony straalde al zijn persoonlijkheidstrekjes uit. Boven zijn bank hing een groot schilderij van zijn zoons en dochter. S*94: ENTER. Eerst beschrijf je de kamer en dan begin je terug met Tony,nieuwe regel
Hij glimlachte.
Zijn TV stond aan. Hij had de avond daarvoor ‘Pulp Fiction’ gekeken. Het was de favoriete film van Tony, en hij had hem vergeten uit te zetten. Hij maakte snel een ontbijtje en hij pakte een kop koffie. Hij ging in de grote zwarte stoel zitten die in de woonkamer stond en keek nog een stuk van de film, tot Chris hem zou komen halen. S*94:ENTER, iets over half drie is een tijdje later dus verdiend een enter ;)
Iets over half drie ging de deurbel. Tony stond op, zette zijn bord in de keuken en hij liep naar de voordeur. Toen hij de deur opendeed stond daar Chris. Ook hij was gekleed in een net pak, en een grote glimlach was zichtbaar op zijn gelaat. Tony keek op zijn horloge.
“Je bent laat.” glimlachte hij.
“Ja, vijf minuten.”
“Vijf minuten teveel, beste kerel.”S*94:NU ben ik zelf beetje verward... ik gebruikte in het begin ook altijd dit soort aanhalingstekens als ik een persoon iets zei... maar in mijn les Nederlands leerde ze me met ' enkelvoudige aanhalingstekens te werken... is dit bij jullie in Nederland ook zo of niet? (check een boek als je het niet zeker weet ;))
Ze schudde elkaar de hand en Tony stapte naar buiten. Hij sloot de deur en hij stapte samen met Chris in Chris zijn auto.
Dus samengevat: je moet wat leren spelen met je zinnen om niet teveel 'hij' achter elkaar te krijgen en al zeker niet dat er 2x hij in één zin staat... Soms moet dit om geen verwarring te veroorzaken,maar soms is dit zeker te vermijden ;)
Sommige zinnen kun je misschien korter of anders zeggen... Maar ik denk dat dit jouw karakter van schrijven is... Elke schrijver schrijft anders... De één beschrijft een pagina lang de kamer,terwijl een ander maar 2 zinnetjes eraan bestaat. De één beschrijft de actie van het personages tot in het detail... terwijl de ander genoeg heeft met een groot verzamelwoord... :)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 27 aug 2013 18:32

Bedankt voor de feedback :) Ik zal erop letten :) Ik beschrijf het liefst alles in detail. Zo gebruik ik namelijk meer worden en kan ik een boek ook langer maken. Ook als ik iets in detail beschrijf, heb ik het gevoel dat je meer weet over de personages, en dat helpt weer in emotionele stukken :)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 07 nov 2013 21:17

Ja, mensen. Het is stilletjes hier, ik weet het :) Ik heb gewoon weinig tijd om aan schrijven toe te komen, maar een hersenen zijn 24 uur per dag bezig met ideeën opdoen voor de verhaallijn en de karakters. Dus, hier even een kleine update.

De titel is aangepast. Vanaf nu draagt het boek de titel Het Demonenspel.

Synopsis:

Wanneer er een aanslag wordt gepleegd op Caitlin Swan, is het aan de FBI-agenten Anthony Maguire en Christopher McCoy de taak om dit te onderzoeken. Een geheimzinnige sekte steekt de kop weer op. Langzamerhand komen ze erachter dat niet alleen Caitlin, maar ook zij doelwit zijn van de brute en lugubere methodes van de vreemde sekte, en komen ze erachter dat de zaak persoonlijker is dan gedacht.

Ondertitel:

"Als je al eens bent gestorven, ben je dan nog steeds bang voor de dood?"
Laatst gewijzigd door JamesBond op 07 nov 2013 23:42, 1 keer totaal gewijzigd.

Gebruikersavatar
Dr. Strangelove
Regisseur
Regisseur
Berichten: 6298
Lid geworden op: 02 mar 2003 16:41
Locatie: Tilburg

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door Dr. Strangelove » 07 nov 2013 22:35

Als het ook over een terminale versie van de Engelse ziekte betreft: helemaal goed !

Anders geef ik je toch in overweging om het Het Demonenspel te noemen.

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 07 nov 2013 23:35

Ik vind het aan elkaar geschreven mooier, maar ik dacht dat dat incorrect was. Het tegendeel is bewezen ;) Bedankt, Doc! :)

Voor het Engels dacht ik aan A Game Of Demons :)

Gebruikersavatar
Touchwood
Walk of Fame
Walk of Fame
Berichten: 13529
Lid geworden op: 19 nov 2005 01:34
Locatie: Tinseltown in the Rain

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door Touchwood » 08 nov 2013 01:36

Engelse ziekte of niet; "Het Spel der Demonen" klinkt véél demonischer :lol:

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 08 nov 2013 08:43

Op het moment is het nog de werktitel, dus wie weet pas ik die nog aan ;)

Gebruikersavatar
JamesBond
Regisseur
Regisseur
Berichten: 5966
Lid geworden op: 07 feb 2011 10:16
Locatie: Rhenen

Re: Berends Schrijftopic

Bericht door JamesBond » 28 dec 2013 22:47

Deze vakantie toch nog even lekker wat geschreven. Ik zit momenteel rond de 50 kantjes, en ongeveer 28.000 woorden, dus ik zit ruim op een derde :)

Plaats reactie